Het was nog even spannend, maar het besluit is genomen door de Tweede Kamer: een VvE met woningen in het complex is straks (waarschijnlijk vanaf 1 januari 2018) verplicht om jaarlijks een minimumbedrag te reserveren voor onderhoud en herstel van het gebouw. Dat staat in het voorstel Wet verbetering functioneren Vereniging van Eigenaren. De Tweede Kamer stemde op 21 februari jl. in met het wetsvoorstel.

De hoogte van het te reserveren bedrag wordt vastgesteld op basis van een meerjarig onderhoudsplan. Een VvE die geen MJOP heeft, moet elk jaar 0,5% van de herbouwwaarde van het appartementencomplex aan het reservefonds toevoegen. Het afgeven van garanties is in principe niet aan de orde. Die mogelijkheid bestaat alleen als 80% van de eigenaren daarmee akkoord gaat. Een VvE die werkt met zo’n garantie, moet dan elke keer maar zien of er genoeg geld is om het onderhoud te betalen. VvE Belang heeft de afgelopen maanden hard gewerkt om het oorspronkelijke voorstel – waarin wél de mogelijkheid werd geboden om een garantie af te geven - aangepast te krijgen. Dat is dus gelukt.

 

Garantie?

Tijdens het plenaire debat op 24 januari maakte toenmalig minister Stef Blok al duidelijk dat hij wilde vasthouden aan het oorspronkelijke wetsvoorstel. Daarin stond dat groot-eigenaars de mogelijkheid moesten hebben om een garantie af te geven in plaats van geld te storten in het reservefonds. VvE Belang heeft vanaf de publicatie van het wetsvoorstel aangegeven dat dit een slecht idee is: wat is een garantie van groot-eigenaar waard als het erop aan komt? En waarom zouden ‘gewone’ eigenaren dan geen garantie mogen afgeven? Goed onderhoud van het appartementencomplex zou dan onzeker worden. Wat als de eigenaren het geld voor onderhoud niet willen of kunnen betalen? Ook een aantal Tweede Kamerleden – met als ‘voorman’ Erik Ronnes (CDA) - was tegen stander van het geven van garanties. Het debat van 24 januari eindigde abrupt doordat de minister griep bleek te hebben.

 

Nieuwe minister

Op 16 februari werd het debat voortgezet met Ronald Plasterk, die inmiddels minister voor Wonen en Rijksdienst was geworden. Degenen die verwacht hadden dat de nieuwe minister (van PvdA-huize) zou begrijpen hoe belangrijk een goed gevuld reservefonds voor de VvE is, kwamen bedrogen uit. Plasterk kon  zelfs wel begrip opbrengen voor de situatie van eigenaren die onverhoopt geen geld hebben voor de reparatie van hun auto doordat dat geld vastzit in het reservefonds van de VvE.  De minister ging zó ver dat hij zich kon voorstellen dat eigenaren geen geld storten maar in plaats daarvan werk verrichten voor de VvE, zoals het dweilen van de collectieve ruimtes. Daardoor werd in feite de betekenis van de wet onderuit gehaald.